amsterdamse federatie van woningcorporaties

De periode vanaf eind jaren tachtig markeert een omslag in de woningbouw in Amsterdam. Midden jaren tachtig werd nog voor bijna honderd procent in de sociale huursector gebouwd. Tien jaar later is dat aandeel gedaald tot dertig procent en wordt zeventig procent in de ‘marktsector’ gerealiseerd. Op landelijk niveau is deze omslag voorafgegaan door de publicatie van de nota ‘Volkshuisvesting in de jaren ‘90’ van toenmalig staatssecretaris Heerma, later gevolgd door de financiële verzelfstandiging van de woningcorporaties met als sluitstuk de zogenaamde ‘brutering’. Binnen Amsterdam had wethouder Louis Genet in 1988 in zijn publicatie ‘Wonen naar wens’ gepleit voor meer menging en meer koopwoningen. Op een eerste woonbeurs in 1989 kwamen maar liefst 18.000 potentiële kopers af. Dat was ongekend, want Amsterdamse woningzoekenden dachten vóór die tijd eenvoudigweg niet aan kopen. De nieuwbouw vanaf 1990 kenmerkt zich door een grote mate van differentiatie en menging. Dat geldt niet alleen voor de verhouding sociale huur/koop/markthuur, maar ook voor woningtypen en architectuurstijlen. De verschuiving van sociale huur naar markt betekent niet dat de rol van de corporaties is uitgespeeld in de nieuwbouw. Integendeel corporaties bouwen ook koop- en markthuurwoningen en treden in toenemende mate op als integrale gebiedsontwikkelaar. Niet al deze activiteiten van de corporaties worden zichtbaar op de bouwjarenkaart, want alleen de huurwoningen van de corporaties zijn afgebeeld.

GWL terrein - Peter ElenbaasVeel van deze corporatiehuurwoningen worden overigens gebouwd in gemengde complexen, waarin zich ook koopwoningen bevinden. Een deel van de nieuwbouw vindt plaats op binnenstedelijke inbreidingslocaties, waar de bestaande bebouwing een functiewijziging ondergaat. Goede voorbeelden van deze gemengde projecten zijn het oranje nassaukazerneterrein (opgeleverd in 1992), het WG-terrein en het GWL-terrein (1995-1997). In het Oostelijk Havengebied is de differentiatie misschien nog wel het beste te zien. Op de foto van de bebouwing rond de verbindingsdam zien we het gebouw De Sphinx (of The Whale) van Frits van dongen en het piraeusgebouw van architecten Kollhoff en Rapp met een menging van sociale huur en duurdere huur (beide van De Key). De patiowoningen op Sporenburg bevinden zich zowel in de koopsector als in de sociale huursector. Tegenover het winkelcentrum staat een woontoren van Woonmaatschappij. Het gebouw Wladiwostok van Het Oosten op het Java-eiland bestaat grotendeels uit sociale huurwoningen, terwijl de omliggende bebouwing vooral uit marktwoningen bestaat. Ook op de uitbreidingslocaties Nieuw Sloten en De Aker in de Westelijke Tuinsteden is gedifferentieerd gebouwd. Op IJburg wordt deze differentiatie in de nieuwbouw voortgezet. De stedelijke vernieuwing van onder andere de Bijlmermeer en de Westelijke Tuinsteden leidt ertoe dat de woningvoorraad steeds gedifferentieerder wordt en de bewoners wooncarrière kunnen maken in de buurt.

Terug naar de overzichtspagina

De Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties is de vereniging van woningcorporaties in Amsterdam en is op 23 maart 1917 opgericht. De Federatie behartigt de belangen van de aangesloten leden. Per 1 januari 2008 zijn er tien corporaties werkzaam in Amsterdam. Zij beheren samen ruim 201.000 woningen. Op deze pagina’s kunt u lezen wat het bureau van de Federatie doet.

Dit is een uitgave van de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties. © 2008. Op dit werk is de Creative Commons Licentie van toepassing.
Deze site is ontwikkeld door Zukke Spijkers BV