Dit jaar verandert de Wet bodembescherming ingrijpend. De uitgangspunten van het nieuwe bodemsaneringsbeleid worden nu in de Wet Bodembescherming vastgelegd en er zijn verschillende procedurele veranderingen. Dit artikel geeft een overzicht van de belangrijkste punten. Voor meer informatie kunt u terecht op de landelijke site www.bodemplus.nl.
Met de beleidsvernieuwing wordt de stagnatie in de bodemsanering opgeheven, en daarmee de belemmeringen die de bodemsanering met zich meebrengt voor ruimtelijke en economische processen. Het ministerie van VROM verwacht de inwerkingtreding nu in oktober of november 2005.
Nieuwe uitgangspunten
In de nieuwe wet wordt als uitgangspunt voor bodemsanering neergelegd dat deze functiegericht en kosteneffectief wordt uitgevoerd. Het vroegere ‘multifunctionaliteitsprincipe’ (alle verontreiniging verwijderen) is daarmee officieel verlaten. Functiegericht wil zeggen dat de bodem geschikt wordt gemaakt voor het (beoogde) gebruik. De gemeente Amsterdam hanteert dit uitgangspunt overigens al sinds de jaren tachtig. Daarnaast komen er algemene regels voor bepaalde categorieën van saneringen. Een voorbeeld hiervan is het ontgraven van een beperkte hoeveelheid verontreinigde grond (bijvoorbeeld in verband met funderingsherstel).
Evaluatie en nazorg
Er komt extra aandacht voor het officieel vastleggen van het evaluatieverslag van de sanering en eventuele nazorgmaatregelen. De saneerder moet een evaluatieverslag van de bodemsanering na afloop van de sanering indienen bij de gemeente. Als er nog restverontreiniging aanwezig is, stelt de saneerder ook een nazorgplan op. Daarmee wordt verspreiding van verontreiniging niet alleen tijdens, maar ook na afloop van een sanering voorkómen. Eventuele gebruiksbeperkingen vanwege achtergebleven verontreiniging worden in het nazorgplan vastgelegd. De gemeente moet over het evaluatieverslag en het nazorgplan een officieel besluit nemen, waartegen bezwaar en beroep mogelijk is.
Bedrijfsterreinen
Nieuw is ook dat in de wet een saneringsplicht komt voor de eigenaar of erfpachter van een bedrijfsterrein. Tot nu toe gebeurt sanering van bedrijfsterreinen voornamelijk op vrijwillige basis. In sommige gevallen heeft een eigenaar of erfpachter van een bedrijfsterrein recht op een subsidie voor bodemsanering, voor zover de verontreiniging vóór 1975 is veroorzaakt.
Kadaster
In het kadaster wordt nu al bijgehouden of de gemeente heeft vastgesteld dat sprake is van een ‘geval van ernstige bodemverontreiniging’. In aanvulling daarop zal het Kadaster voortaan ook de besluiten over het saneringsplan, het evaluatieverslag en het nazorgplan registreren. De gemeente zendt de besluiten aan het Kadaster. De besluiten van de gemeente op het gebied van bodemverontreiniging zijn dus altijd in het kadaster te achterhalen. Het kadaster wordt bijvoorbeeld geraadpleegd bij grondtransacties.
Meer informatie is te vinden op www.bodemplus.nl
|