amsterdamse federatie van woningcorporaties

“Huurexplosie in Centrum”, kopte Het Parool na berekeningen van de Dienst Wonen van Amsterdam. Wethouder Stadig vreest een tweedeling tussen arm en rijk. Maar voor zulke doemscenario’s is het te vroeg; de corporaties zijn er ook nog.

Minister Dekker wil verhuurders meer ruimte geven in de hoogte van de huren. Met goede argumenten. De woningmarkt zit op slot, er is te weinig doorstroom en daarom komen te weinig goedkope huurwoningen vrij. Er moet worden gebouwd, natuurlijk, en gelukkig zit de bouwproductie in Amsterdam in de lift. Maar ook prijs en kwaliteit van woningen moeten beter kloppen. Nu wonen er teveel mensen met een hoger inkomen in goedkope sociale huurwoningen. Veel woningzoekenden met een smalle beurs wachten daar met smart op. Deel van het plan van minister Dekker was om de huren van een kwart van alle huurwoningen vrij te geven. Wethouder Stadig trok onmiddellijk aan de bel. Segregatie zou het gevolg zijn. Nog slechts welgestelde, vooral blanke burgers zouden in de centrumgebieden van Amsterdam terecht kunnen. De lagere inkomensgroepen zouden moeten uitwijken naar de buitengebieden, zoals de Westelijke Tuinsteden, Zuidoost of Noord.

Nu zegt de wethouder dat ‘de gevolgen nog ernstiger zijn dan hij al dacht’. Dat is echter niet waar. Minister Dekker heeft inmiddels onder politieke druk flink moeten inbinden. Niet 25 procent wordt geliberaliseerd, maar slechts zo’n 6 procent – en als we naar de corporatiewoningen kijken, gaat het slechts om 2 procent. Dat betreft de huurwoningen met een woz-waarde boven 295.000 euro. Voor het overige komt 23 procent van de huurwoningen – de woningen met een woz-waarde tussen 195.000 euro tot 295.000 euro – in een ‘overgangsgebied’ terecht. De resterende 75 procent van de woningen met een woz-waarde onder 195.000 euro blijft strikt gereguleerd door het Rijk. Wel wordt de kwaliteit van de locatie medebepalend voor de maximale huurprijs. Dat is redelijk, want een woning op een goede locatie is gewilder dan op een minder goede locatie.

De wethouder slaat alarm, maar geeft een vertekend beeld. Welbeschouwd kunnen alleen de vrijkomende woningen echt in huurprijs worden verhoogd. Dat is nu ook al zo, maar straks mag de huurstijging wat groter zijn. We hebben het dan over nog geen zes procent van de woningen per jaar. Zittende bewoners zullen tot 2010 echter weinig merken van het nieuwe beleid. Ontvangers van huurtoeslag worden ontzien, ook omdat verhuurders gaan meebetalen aan die toeslag.

De wethouder schetst een doemscenario alsof we een natuurramp over ons krijgen. Een boodschap die vooral voor Den Haag is bedoeld. Hij ziet daarbij een belangrijk aspect over het hoofd, namelijk dat de Amsterdamse corporaties als maatschappelijke ondernemingen de huren lang niet altijd maximaal optrekken. Integendeel, corporaties willen ook gevarieerde wijken en buurten. Juist om segregatie tegen te gaan maken de corporaties al jaren afspraken met de gemeente over de hoeveelheid betaalbare huurwoningen in de stad en per stadsdeel. Dat is straks niet anders.

De corporaties hadden graag al in 2005 nieuwe afspraken willen maken tot 2010. Dat is er echter niet van gekomen omdat de gemeenteraad eerst de verkiezingen wilde afwachten. Maar de wethouder kan de corporaties vandaag bellen om een afspraak te maken over het percentage vrijkomende woningen dat tenminste beschikbaar moet komen voor mensen met een lager inkomen. Buiten én binnen de ring.

Er is wel iets anders. Corporaties moeten vanaf nu verplicht een financiële bijdrage leveren aan de huurtoeslag. Dat is pikant, want kan dat zomaar? Gaan ziekenhuizen straks ook meebetalen aan de zorgtoeslag? Hoe dan ook pakt dit desastreus uit voor Amsterdam. De hoogte van de bijdrage is afhankelijk van de woz-waarde van de woningen en die zijn in Amsterdam zo ongeveer het hoogst van Nederland. De Amsterdamse corporaties gaan samen ruim dertig miljoen euro per jaar betalen, en dat maken we in de huren de komende jaren zeker niet goed. Van de extra huuropbrengsten houden de Amsterdamse corporaties dus niets over om extra te investeren in de stad.

Met het geld dat de corporaties kwijt zijn aan de huurtoeslag zouden wij jaarlijks 750 nieuwe sociale huurwoningen kunnen bouwen. De heffing zet de noodzakelijke vernieuwing van wijken en buurten, sociale nieuwbouw en investeringen in leefbaarheid onder druk. De extra opbrengsten van de huren moeten tenminste voor een belangrijk deel ook in Amsterdam weer ingezet kunnen worden en niet worden volledig worden afgedragen aan het rijk. Met de huidige voorstellen zijn het de rijkere corporaties die netto meer overhouden dan de corporaties die het geld hard nodig hebben voor het investeren in de stad. Dat kan niet de bedoeling van minister Dekker zijn geweest.

Hans van Harten

Verschenen in het Parool van 30 januari 2006

verschenen in de nieuwsbrief van 23 februari 2006
Dit is een uitgave van de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties. © 2008. Op dit werk is de Creative Commons Licentie van toepassing.
Deze site is ontwikkeld door Zukke Spijkers BV