Amsterdamse corporaties bouwen in 2025 meeste sociale huurwoningen in 16 jaar, huurders minder kwijt aan woning

Leestijd: 4 minuten

De Amsterdamse woningcorporaties hebben in 2025 2.853 nieuwe sociale huurwoningen opgeleverd, de hoogste nieuwbouwproductie door de corporaties in 16 jaar. De sociale huurvoorraad groeide netto met 1.826 woningen, het vijfde jaar op rij van netto-groei. Verder maakten de woonlasten van sociale huurders een kleiner deel van hun inkomens uit.

De corporaties bezitten meer dan 191.000 woningen en ruim 37% van de zelfstandige huurwoningen in de hoofdstad. 91% heeft een huur binnen de sociale huurgrens, terwijl 83% van corporatiehuurders in Amsterdam een inkomen onder de sociale huurgrens heeft. Dat blijkt uit de jaarcijfers die de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties (AFWC) tijdens haar jaarbijeenkomst op donderdag 25 juni presenteerde.


Lagere woonlasten voor sociale huurders
In 2025 waren huurders van sociale huurwoningen van de Amsterdamse corporaties een kleiner deel van inkomen kwijt aan woonlasten. De woonquote, het deel van het inkomen dat bewoners besteden aan woonlasten, daalde van 35% in 2023 naar 31% in 2025, blijkt uit cijfers van het recente onderzoek Wonen in Amsterdam (WiA). Het gemiddelde inkomen van deze huurders is veel meer gestegen dan hun huurlasten.
 

Vertraging in verduurzaming woningen
De Amsterdamse woningcorporaties hebben sinds oktober 2023 ongeveer 10.000 woningen verduurzaamd. Daarbij zijn ook woningen met een E-, een F- of een G-energielabel aangepakt. In de Nationale Prestatieafspraken hebben Aedes, de Woonbond en het Rijk als doel gesteld dat er eind 2028 geen corporatiewoningen meer zijn met E-, F- of G-labels. Woningen met betere energielabels komen niet alleen het milieu ten goede, maar ook de portemonnee van corporatiehuurders.
 

De Amsterdamse corporaties hebben nog 15.500 woningen met een E, F of G label aan te pakken en gaan daar ook mee door, maar het gaat ze zeker niet lukken om voor 2029 alle EFG-labels weg te werken. Dat heeft te maken met de complexiteit van het verduurzamen: instemming van bewoners en/ of de VVE is nodig en de woningen zitten zeer verspreid over complexen in de hele stad. Financiële keuzes door oplopende bouwkosten, hogere rente en toegenomen belastingdruk dwingen corporaties daarnaast andere prioriteiten te stellen. Soms gaan die ten koste van verduurzaming.
 

Grootste productie sociale huurwoningen sinds 2010
In 2025 leverden de Amsterdamse corporaties, behalve 2.853 nieuwe sociale huurwoningen, ook 196 middeldure en dure huurwoningen op. Met in totaal dus 3.049 nieuwe woningen hebben ze veel meer huurwoningen gebouwd dan in voorgaande jaren. In de periode 2021-2024 realiseerden de corporaties jaarlijks circa 2.000 huurwoningen. Het aantal opleveringen in 2025 is de hoogste nieuwbouwproductie door de corporaties sinds 2010.
 

In de samenwerkingsafspraken 2024-2027 is de ambitie uitgesproken om jaarlijks te starten met de bouw van 1.900 tot 2.500 permanente sociale huurwoningen. Dit streven is vorig jaar niet gehaald: in 2025 hebben de corporaties in Amsterdam 1.515 sociale huurwoningen in aanbouw genomen. In 2024 lag dit aantal, met 1.817 sociale huurwoningen, ook lager dan de ambitie. Op basis van deze cijfers is de verwachting dat het aantal sociale huurwoningen dat de corporaties de komende jaren zullen opleveren, veel lager zal liggen dan in 2025.

Tevredenheid huurders niet verbeterd
De Amsterdamse corporaties zijn in hun dagelijks werk nauw betrokken bij de buurten waar zij woningen verhuren. In buurten waar de leefbaarheid onder druk staat, leveren zij extra inspanningen om de situatie voor hun huurders te verbeteren. Bijvoorbeeld door te bemiddelen bij conflicten tussen buurtbewoners en door sociale problemen van huurders te signaleren en te melden bij de partijen als het Meldpunt Zorg en Woonoverlast. Daarnaast monitoren de corporaties regelmatig de leefbaarheid van de buurten waarin zij actief zijn en maken waar nodig plannen om die te verbeteren. Hierbij werken de corporaties nauw samen met de bewoners, de gemeente en andere maatschappelijke organisaties.


De gemiddelde tevredenheid van huurders is in de afgelopen jaren, ondanks de inspanningen van de corporaties, niet verbeterd. In vergelijking met de vorige meting, in 2023, is de gemiddelde tevredenheid van huurders met hun buurt licht afgenomen, van 7,1 naar 7,0, blijkt uit cijfers van WiA. Die tevredenheid hangt samen met het veiligheidsgevoel dat bewoners ervaren. Ook dat daalde de afgelopen jaren gemiddeld 0,1 procentpunt.


Anne-Jo Visser, directeur-bestuurder van de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties: “We hebben een goed jaar achter de rug, met een enorme groei in het aantal nieuwe sociale huurwoningen. Meer woningzoekenden hebben daardoor een nieuw onderkomen kunnen vinden, dat, naar nu blijkt, ook steeds beter betaalbaar is. Het is spijtig dat onze enorme inzet om de leefbaarheid in onze buurten te verbeteren nog niet in de cijfers terug te zien is. Daarbij maken we ons in toenemende mate zorgen om de meest kwetsbaren in onze stad”.